06-09-07

'Brussel moet bijkomende middelen krijgen'


'Brussel moet bijkomende middelen krijgen om zijn internationale rol waar te maken'

PicqueDiRupoimage031


Terwijl Brussel de hoofdstad is van leegstand en verkrotting (in 2004 waren er 15.000 leegstaande woningen) en er vorig jaar zo'n 30 daklozen stierven in de Brusselse straten, eist de Brusselse minister-president Charles Picqué (Parti Socialiste) 'bijkomende middelen zodat Brussel zijn internationale rol kan waar maken'...

-----------------

Picqué wil Brussel uitbreiden en nieuwe financiering

BRUSSEL - In een interview met de kranten La Libre Belgique en L'Echo zegt de Brusselse minister-president Charles Picqué (PS) donderdag dat Brussel bijkomende middelen moet krijgen om zijn internationale rol waar te maken. De institutionele onderhandelingen moeten ook leiden tot een uitbreiding van het Brusselse gewest en een beter beheer van het economische hinterland.

"Als tegenwicht voor de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde (BHV) zijn er twee minima", zegt Picqué. Er zijn "garanties nodig omtrent de rechten van de Franstaligen in de rand" en "de uitbreiding van het Brussels gewest, met garanties voor een goede werking. Dat komt neer op een herfinanciering. Dat is de prijs die de Vlamingen moeten betalen", meent hij.

"Als BHV zou verdwijnen, bevinden we ons zeker in het scenario van een historische en onomkeerbare insluiting van Brussel in Vlaanderen", meent Picqué. "Men wil ons laten doorgaan voor dwergen, terwijl Brussel onmisbaar is voor dit land", zegt Picqué nog.

De Standaard, 6 september 2007 | Bron: BELGA


Open Deur Dagen - Portes Ouvertes

De vzw Werkgroep Morkhoven en de Stichting Prinses de Croÿ organiseren open-deur-dagen in de Faiderstraat n°10 te Sint-Gillis / L'asbl Werkgroep Morkhoven et le Fondation Princesse de Croÿ organisent des portes ouvertes dans la Rue de Faider n°10 à Saint-Gilles

Voor informatie en afspraken / Pour information et rendez-vous: 02 537 49 97 - Faiderstraat 10, 1060 Sint-Gillis - issakaba@skynet.be
http://groups.msn.com/woonbeleid-PolitiqueduLogement/

-----------

Foto's: de franstalige socialisten Charles Picqué en Elio di Rupo - Prinses Jacqueline de Croÿ in één van de kamers van haar appartement alwaar de zetel van de vzw Werkgroep Morkhoven, een vlaamse vereniging die bijna 20 jaar lang tegen internationale kinderpornonetwerken strijdt, is gevestigd

12:47 Gepost door slaapkamer-expert in Algemeen | Permalink | Commentaren (15) |  Facebook |

Commentaren

"Brussel in de problemen door regeringscrisis" Brussel - Als de regeringsonderhandelingen nog lang aanslepen, dreigt het Brussels Gewest in de problemen te komen. Dat zeggen Brussels minister-president Charles Picqué (PS) en Brussels minister van Begroting Guy Vanhengel (Open VLD).

Omdat de onderhandelingen over de federale steun voor Brussel via Beliris (het samenwerkingsakkoord tussen de federale overheid en het Brusselse Gewest, red.) nu vast zitten, dreigen heel wat grote dossiers vast te lopen.

"De afspraken die gemaakt zijn met de federale regering met betrekking tot de financiering van infrastructuurwerken van de MIVB bijvoorbeeld kunnen nu moeilijk uitgevoerd worden: we hebben een volwaardige gesprekspartner nodig om dat in 2007 te kunnen afronden," zegt minister van Begroting Vanhengel. "Dat is bijvoorbeeld ook bij de begrotingsprognoses het geval."

Brussel heeft ook zijn dotatie voor dit jaar nog niet gekregen. Volgens Vanhengel moeten de bevoegde uittredende ministers nog in de loop van deze maand hun taken toch weer opnemen.

dinsdag 4 september 2007
© FM Brussel

Gepost door: Morkhoven | 07-09-07

Picqué eist meer geld en uitbreiding Brussel De Brusselse minister-president Charles Picqué (PS) zegt dat Brussel bijkomende middelen moet krijgen om zijn internationale rol waar te maken. De institutionele onderhandelingen moeten ook leiden tot een uitbreiding van het Brusselse gewest en een beter beheer van het economische hinterland.

Splitsing B-H-V
"Als tegenwicht voor de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde zijn er twee minima", zegt Picqué. Er zijn "garanties nodig omtrent de rechten van de Franstaligen in de rand" en "de uitbreiding van het Brussels gewest, met garanties voor een goede werking. Dat komt neer op een herfinanciering. Dat is de prijs die de Vlamingen moeten betalen".

"Laatste verbinding"
Volgens de Brusselse minister-president "is BHV de laatste institutionele verbinding tussen Brussel en zijn hinterland, dat Brussel en Wallonië met elkaar verbindt. Als BHV zou verdwijnen, bevinden we ons zeker in het scenario van een historische en onomkeerbare insluiting van Brussel in Vlaanderen", meent Picqué. "Men wil ons laten doorgaan voor dwergen, terwijl Brussel onmisbaar is voor dit land", besluit Picqué. (belga/hln)

Het Laatste Nieuws 6/09/07

Gepost door: Morkhoven | 07-09-07

'Brussel moet meer geld krijgen' Brussel - Zowat alle partijen in de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) zijn het er over eens. Het volgende Stedenfonds in Brussel moet meer geld krijgen. De VGC plant een gesprek hierover met de Vlaamse regering.

Via het Stedenfonds investeert de Vlaamse regering in de stadsontwikkeling van de Vlaamse centrumsteden én in die van Brussel. Naar aanleiding van de bespreking van het voortgangsrapport 2005-2006 lieten bijna alle partijen in de VGC weten dat de huidige tien miljoen euro niet voldoen is. Vlaanderen meer geld uittrekken voor Brussel en het geld moet minder versnipperd ingezet worden want een globale visie ontbreekt, zo luidt het. Het nieuwe stedenfonds treedt begin volgend jaar in werking voor een periode van vijf jaar.

Brigitte Grouwels (CD&V), binnen de VGC bevoegd voor de coördinatie van het Stedenfonds, belooft nu om de kritiek voor te leggen aan de Vlaamse regering. Toch is Grouwels nog lang niet zeker dat er ook wel degelijk meer geld komt. "Ik hoop natuurlijk van wel, maar veel zal afhangen van het feit of het globale stedenfonds in middelen zal toenomen. Ik kan mij ook inbeelden dat Vlaamse steden zoals Antwerpen en Gent ook graag meer middelen zouden krijgen. Als de Vlaamse gemeenschap beslist om een extra inspanning te doen, moet ook Brussel daarin aandacht krijgen. In de grote steden komen immers veel problemen samen."

Ook vinden de leden van de VGC dat er beter samengewerkt moet worden met andere overheden of instellingen, zoals de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie of de OCMW's. Dat moet er voor zorgen dat het geld beter besteed wordt. Jean-Luc Vanraes, lid van de VGC en voorzitter van het Ukkelse OCMW geeft een concreet voorbeeld. "Mensen die in nood zijn moet je helpen. Maar mensen helpen wilt niet alleen zeggen dat je hen onderdak moet geven maar ook dat je hen terug tot zelfstandigheid brengt. En dat moet je doen door middel van overeenkomsten met deze mensen. De groeperingen die zich bezighouden met die begeleidingen doen dat heel goed maar slagen er niet in die mensen te verplichten om zelf hun verantwoordelijk te nemen. Daarom heb ik gezegd contact op te nemen met de OCMW's want die hebben de wettelijke middelen om dat te doen."

vrijdag 16 maart 2007
© FM Brussel

Gepost door: Morkhoven | 07-09-07

Geert van Istendael: Interview Naam: Geert van Istendael
Geboren: Brussel (Ukkel), maart 1947
Beroep: schrijver, dichter
Loopbaan: Studeerde Sociologie en filosofie aan de KUL. Was van 1978 tot 1993 verslaggever en nieuwslezers bij de VRT. Sindsdien zelfstandig schrijver.
Publicaties: Het Belgisch labyrint of de schoonheid van de wanstaltigheid (1989), Alle uitbarstingen (2001), Mijn Nederland (2005). Schrijft vooral ook columns en polemische stukken over het politiek leven in België en vooral over Brussel. En ook poëzie. Erg gewaardeerd vertaler van Duitse auteurs, zoals Goethe, Heine, Brecht, Fried, Kahlau. In 1995 werd hij bekroond met de Geuzenprijs.

-------------------

Volgens Jean-Luc Dehaene zouden we al die huidige problemen niet hebben gehad, als de Franstalingen in 1932 hadden ingestemd met een voorstel om in heel België de tweetaligheid in te voeren.

Geert van Istendael: Het is begonnen in 1930, toen de Rijksuniversiteit Gent Nederlandstalig werd. Later kwam nog een reeks taalwetten.

Maingain, de FDF-voorzitter en jammer genoeg mijn burgemeester, ontkent dat, maar hij heeft ongelijk. De Vlamingen waren aanvankelijk zeker niet tegen tweetaligheid in heel België. Het verzet kwam van Waalse kant. Men kon men zich daar absoluut niet voorstellen dat ze een volledige tweetaligheid zouden krijgen in Mons, Namur, Arlon.

Maar Jean-Luc Dehaene heeft ook ongelijk. Want als de tweetaligheid in heel België er toen was gekomen, dan was het Nederlands bijna zeker ten onder gegaan. Zelfs in de jaren ’50 was de minachting voor het Nederlands als volkstaal nog overal voelbaar. Ik herinner me bijvoorbeeld een adellijke dame die over mij – die toen nog geen Frans sprak – tegen haar zoontje zei: “Il va bien apprendre parler convenablement”.

De hele taalkwestie in België is namelijk geen zaak van Vlamingen en Walen, hoor. Die strijd speelde zich vooral binnen Vlaanderen af. Daar bestond een elite die je onmiddellijk kon herkennen aan de taal, zoals Rosa Luxemburg (Pools-Duitse communiste en internationaliste, nvdr), ooit eens heeft geschreven. De elite in Vlaanderen sprak Frans, niet alleen in Gent, maar ook in Antwerpen en andere Vlaamse steden.

In mijn kindertijd, de jaren ’50, was dat nog altijd zo. In de arbeiderswijken van Molenbeek, Anderlecht en zo, sprak men vooral ‘Vloms Brussels’. Mijn vrouw is grootgebracht in Molenbeek, zeg maar het Manchester van Brussel, een echte fabrieksstad. In haar omgeving was iemand die Frans sprak een grote uitzondering. De grote meerderheid waren Vlaamse arbeiders, die toen gelukkig allemaal werk hadden, het waren jaren van economische groei in de jaren 1950.

Vandaag is die strijd toch gestreden?

Geert van Istendael: De taal van het onderdrukte volk heeft het gehaald op de taal van de rijke bovenklasse, een indrukwekkend fenomeen. Dat begon in 1873, toen de rechters tot hun afgrijzen gedwongen werden de taal van de beklaagde te verstaan. Vaak was dat een Vlaamssprekende arme drommel die een brood had gestolen.

Nu zijn de Vlaamse proletariërs uit Brussel weg en heb je in Molenbeek en Anderlecht een Marokkaans proletariaat. Maar wel werkloos, in sommige straten voor 70 procent.

Welke oplossing ziet u voor de Franstalingen in de Brusselse rand?

Geert van Istendael: Ik zie er geen. Er is natuurlijk het sociologische gegeven dat in Linkebeek, Kraainem, Wezembeek-Oppem 70 à, 80 procent Frans spreekt. In Wemmel, St-Genesius Rode en Drogenbos ligt dat tussen rond de 40, 50 of zelfs 60 procent. Vanuit dat gegeven zou je zeggen, voeg die zes gemeenten bij Brussel. Maar dat is zo vreselijk beladen. Ik hoor sommige Vlamingen al reageren met ‘gebiedsroof’ en met ‘gemorrel aan de taalgrens’.

En aan Franstalige kant vrees ik dat zoiets een dynamiek op gang brengt, waarbij het heel snel gaat naar ‘meer, meer en meer’. Ze spreken niet alleen over die zes gemeenten, ze zullen alsmaar meer andere eisen stellen, zoals een referendum in Vlaams-Brabant. En dat kun je toch moeilijk aanvaarden.

Er is nog een ander bezwaar. De Franstaligen snappen blijkbaar nog altijd niet dat de taalwetten, die sinds 1962-1963 door zowel Nederlandstalige als Franstalige volksvertegenwoordigers zijn goedgekeurd, wetten zijn en dus correct moeten worden toegepast. Dat doen ze niet, ze saboteren ze, ze vinden dat onbelangrijk … Dat is niet ernstig, zo kun je niet praten.

Het brengt een van de mooiste dingen die ons land rijk is, in gevaar, namelijk de taalvrede. Wij hebben nooit een burgeroorlog gekend, zoals in Noord-Ierland, in Baskenland of in de Balkan. De oplossingen zijn niet altijd hoogstaand, dikwijls zijn het van die praktische regeltjes zoals dat het Belgische Staatsblad het ene jaar de linkerkolom in het Frans heeft en het volgende het Nederlands. Maar ze werken, ze halen de lont uit het kruitvat. Dat vind ik heel belangrijk. Natuurlijk zijn de werkloosheid in Brussel, de armoede, de verkrotting en een aantal dringende milieuproblemen veel belangrijker. Maar de taal mag ons daarbij niet hinderen, je moet dat goed regelen en dan zo snel mogelijk de rest aanpakken.

Schiet u niet iets te veel op de Franstalige onderhandelaars? De Vlaamse eisen lijken soms ook wel echte provocaties, toch?

Geert van Istendael: Tot mijn niet geringe verbazing hoor ik nu ook Jo Vandeurzen en Bart Somers al zeggen ‘als de Franstaligen niet toegeven, draaien we gewoon de geldkraan dicht’. Dat is niet alleen weinig taktisch, het is ook dom natuurlijk, ze zitten niet eens aan de kraan van het federale geld, hoe zouden ze die dan kunnen dichtdraaien? Maar blijkbaar begrijpt een separatist als Bart De Wever nog het meest dat zelfs bij een splitsingsscenario – het ergste wat ons kan overkomen – de Vlaamse politici met hun Franstalige collega’s zullen moeten praten.

Sturen ze echt aan op een crisis, in de overtuiging dat de Vlaamse onafhankelijkheid toch nooit aan de onderhandelingstafel beklonken wordt?

Geert van Istendael: Ik denk inderdaad dat er sommige van de onderhandelaars daarvan uitgaan, ja. En dat is zeer jammer. Want de waarde van België ligt in zijn pluriformiteit, zijn meertaligheid. En in het organiseren van die meertaligheid.

Op dat terrein heeft België een arsenaal aan ervaring opgebouwd dat in Europa wel eens heel goed van pas zou kunnen komen. Europa telt meer dan 25 talen en de staatsgrenzen worden er steeds vager. Daardoor worden de mogelijkheden van conflicten tussen al die verschillende culturen ook veel groter. België heeft een ‘model van samenleven’, waar veel landen ons om benijden. De Zuid-Afrikanen en zelfs de Palestijnen komen dat hier bestuderen.

Als dat model niet langer stand houdt, als wij met twee of tweeënhalf gemeenschappen al niet meer kunnen samenleven, hoe wil je dat dan in Europa met 25 of 30 wel realiseren?

In België zou het zeker ook een ramp zijn voor de sociale zekerheid.

Geert van Istendael. (Heftig) Het opgeven van die solidariteit vind ik zonder meer walgelijk en immoreel. Dat spreekt tegen mijn diepste instincten. In zaken als ziekteverzekering interesseert me niet de tegenstelling Vlaming-Waal, maar wel die tussen rijk en arm. Want ook in het rijke Vlaanderen zijn er langdurig zieken, werklozen, mindervaliden die niet aan de bak komen. En ik voel me veel meer solidair met een werkloze uit Henegouwen dan met baron Lippens, een Vlaming die daar naar ’t schijnt erg trots op is.

Er is al jaren campagne gevoerd tegen de transfer van Vlaams geld naar Waalse ziekenhuizen. U bent bereid die te verdedigen?

Geert van Istendael: Als die deel uitmaken van eerlijke solidariteit, zeker en vast. Maar niet als de transfers te wijten zijn aan slecht beheer. Je moet ziekenhuizen goed beheren, maar dat moet je zowel doen in Wuustwezel als in Perwez. In het belang van de zieken, in dat van de belastingbetaler en om dat toch vrij dure systeem van ziekteverzekering leefbaar te houden.

Vlaanderen zou daar best niet te kortzichtig over doen. Vijftig jaar geleden was Wallonië rijk en begon Vlaanderen stilaan rijk te worden. Als ik al lang dood zal zijn en mijn kleindochter naar haar pensioen toegaat … wie zegt dat Vlaanderen dan nog rijk zal zijn? De technologische en economische evoluties, de delocalisaties … het gaat allemaal zo snel. Misschien is Wallonië dan wel rijk. Of zijn we allebei rijk, of allebei arm.

Weet je trouwens dat in de pensioensector al een beginnende transfer van Waals geld naar Vlaanderen bezig is? Omdat de Waalse bevolking iets jonger begint te worden dan de Vlaamse, doordat ze meer migranten hebben die meer kinderen krijgen dan de Belgen.

Een splitsingsscenario zou een absurde concurrentie op gang brengen …

Geert van Istendael. Nog zoiets! Dan krijg je een veelvoud van wat je nu al een beetje ziet in de streek van Moeskroen en Doornik. Waar ze met speciale belastingstelsels elkaars industrie kapot concurreren. Als de gewesten eenmaal eigen belastingregels mogen uitvaardigen, dan zijn alle remmen weg. De fabrieksbazen wrijven zich natuurlijk in de handen, hoe zou je zelf zijn.

En wat er in geval van splitsing met Brussel gebeurt, is al helemaal de vraag.

Geert van Istendael. Het zou best kunnen dat Europa dan beslist om toch maar naar Straatsburg te gaan. Wat ook op een grens ligt trouwens. De Fransen en de Duitsers zullen er niet om treuren.

Wie werklozen wil begeleiden, een kinderatelier of kinderopvang organiseert, die moet kleur bekennen. Je mag dat niet tweetalig doen. De FC Marakech moet in het Nederlands of in het Frans voetballen.

De vele Brusselaars van buitenlandse afkomst zullen zich in een communautair nog meer opgesplitst Brussel nog minder thuis voelen. Mijn indruk is dat de meesten van hen helemaal geen zin hebben om te kiezen voor of tegen een of andere gemeenschap. ‘Jullie dwingen ons om te kiezen voor de Vlaamse zaak of voor ‘la cause francophone’, maar wij willen dat helemaal niet’. Zij vinden het namelijk veel interessanter mét de twee. Ze spreken bovendien nog Italiaans, Turks, Arabisch. Maar de structuren dwingen hen in een kant. Wie werklozen wil begeleiden, een kinderatelier of kinderopvang organiseert, die moet kleur bekennen. Je mag dat niet tweetalig doen. De FC Marakech moet in het Nederlands of in het Frans voetballen.

Het lijkt belachelijk, maar als voorzitter van het Kunstenfestival des Arts kan ik je verzekeren dat dit ongehoord frustrerend werkt. Het Kunstenfestival des Arts is een perfect tweetalig initiatief. In de raad van bestuur zitten mensen van de twee kanten. Daar is nooit een probleem mee geweest. Nooit. Maar als we met een initiatief naar buiten komen – en wij willen Brussel artistiek op de wereldkaart zetten en de Brusselse bevolking het mooiste, nieuwste van de wereld laten zien – dan botsen we altijd weer op die structuren. We krijgen enorm positieve reacties vanuit andere landen van Europa, in Brussel krijgen we de lulligste opmerkingen en verdachtmakingen over ‘het Vlaams paard van Troje in Franstalig Brussel’ of dat we ‘Vlaanderen de rug toekeren’ enzovoorts. Je voelt op alle mogelijke manieren: men wil in feite de splitsing.

Terwijl alle opiniepeilingen, zowel in Wallonië als in Vlaanderen uitwijzen dat de Belgen andere problemen aangepakt willen zien.

Geert van Istendael: Hou een referendum over de splitsing van België, en je krijgt nul op het rekwest. De Belgen willen dat eenvoudigweg niet. Maar ik vrees dat ze het hier op net dezelfde manier aan boord willen leggen als in Tsjechoslowakije. Zowel de Tsjechen als de Slowaken waren tegen de splitsing, maar de politici waren voor. In Tsjechoslowakije hadden ze bovendien geen Brussel. De hoofdstad Praag is zonder meer Tsjechisch en niet eens tweetalig.

Het heeft te maken met het verderfelijke opbod dat ons kiessysteem voortbrengt: Vlaamse politici kunnen niet Vlaams genoeg zijn, Waalse politici niet Waals genoeg. Wie daarin meegaat wordt beloond, wie het anders doet afgestraft. Ik ben daarom helemaal gewonnen voor het voorstel dat door een aantal professoren is gelanceerd om een tweetalige kieskring te maken. Maar die zal er niet komen...

Ook al weet je maar nooit. Verrassingen zijn in België nooit uit te sluiten. Als we hier nog uit geraken, dan is het een klein mirakel. Maar een splitsing van België, dat zie ik ook niet gebeuren, want dat wil niemand. Behalve een aantal politici.


Brussel en de taalgrens

Geert van Istendael: De taalgrens is overal in het land al 1.000 jaar stabiel. Er waren maar enkele verschuivingen: Opheylissem (10 km ten zuiden van Tienen) is verfranst en Zandvoorde (bij Ieper) vernederlandst, of beter, ‘verwest-vlaamst’, zo zijn er nog een paar gemeenten. De grootste verandering gebeurde in Brussel. Brussel is historisch absoluut Nederlandstalig. Wie dat betwist, vervalst de geschiedenis. Bij de eerste talentelling in 1846 sprak iedereen, of toch bijna, Nederlands. In mijn gemeente, Sint-Lambrechts-Woluwe, sprak 0,4 procent Frans. In Brussel Stad werd al meer Frans gesproken, maar ook daar was nog altijd tweederde Nederlandstalig. Alleen in Sint-Joost-ten-Node en Elsene was de helft Franstalig.
Molenbeek, Anderlecht waren toen nog Vlaamse dorpjes waar behalve een baron, een pastoor en in het beste geval een dokter, niemand Frans sprak.
Maar vandaag is Brussel en de grote omgeving er rond, heel sterk verfranst. En vooral meertalig geworden. Frans is wel de communicatietaal, de lingua franca, maar thuis spreekt maar de helft van de Brusselaars nog Frans. En tja, wat spreken de anderen? Berbers, Nederlands, Arabisch, Turks, Duits, Italiaans …


Gaston Van Dijck
31 augustus 2007


http://vlaams-brabant.pvda.be/nieuws/article/geert-van-istendael-hou-een-referendum-over-een-splitsing-van-belgie-en-je-krijgt-nul-op-het-rekwe.html

Gepost door: Jeroen | 07-09-07

Manifest 'Geen blanco cheque voor Brussel' “Geen herfinanciering van Brussel zonder nieuwe staatshervorming.”
Dat is het engagement dat Vlaamse verenigingen in de laatste rechte lijn naar de verkiezingen vragen van alle Vlaamse partijvoorzitters en lijsttrekkers. Zij worden uitgenodigd om een manifest in die zin te ondertekenen. Tegelijk vragen zij de Vlaamse partijen zich ernstig te bezinnen over het samengaan met het “racistisch anti-Vlaamse FDF”.
Ten slotte vragen de verenigingen zich af of de intentie om van Brussel een volwaardige deelstaat te maken niet strijdig is met de hoofdstedelijke opdracht ten opzichte van
de andere deelstaten.

http://www.gorik.be/extra/71/0305gorik.pdf.

Gepost door: Morkhoven | 07-09-07

Brussel ontkent geldstroom vanuit Vlaanderen Er stromen jaarlijks € 12 miljoen tot € 18 miljoen inkomsten van Brussel naar Vlaanderen. Dat stelt Frans De Keyser van de Brusselse werkgeverskoepel VOB. Het Brusselse Gewest ontvangt jaarlijks € 100 miljoen van de Belgische overheid voor zijn hoofdstedelijke functie. Maar Guy Vanhengel, Brussels minister van begroting, stelt dat de hoofdstad jaarlijks € 650 miljoen moet investeren in het openbaar vervoer en wegenwerken om alle pendelaars op te vangen. In totaal zou het hoofdstedelijk statuut Brussel een verliespost van € 200 miljoen per jaar opleveren. Daarmee wil Vanhengel aantonen dat Brussel niet slecht bestuurd wordt en helemaal niet van Vlaams geld profiteert. Jan Van Doren, Brusselexpert van de Vlaamse werkgeverskoepel Voka, heeft twijfels bij de Brusselse cijfers. Hij heeft het over een groeiende transfer vanuit Vlaanderen. Voor 2003 zou dat op € 1,2 miljard moeten worden geschat, vooral via de sociale zekerheid en de financieringswet. (MH)

Bron: De Tijd 11-4-2007

Gepost door: Morkhoven | 07-09-07

'In Hertoginnedal zwijgt men over Brussel' donderdag 30 augustus 2007

Brussel - Waar willen we naartoe met Brussel? Die vraag stellen de voorzitters van de Kamer voor Handel en Nijverheid en het Verbond van Ondernemingen in Brussel (VOB). Omdat de onderhandelingen over een nieuwe federale regering muurvast zitten, kan een antwoord te lang op zich laten wachten, vrezen de voorzitters.

De twee federaties van Brusselse ondernemers stellen vast dat in de verschillende nota's van de onderhandelaars op Hertoginnedal met geen woord gerept wordt over de positie van Brussel. "Het woord 'Brussel' vinden we nergens terug. Nochtans is Brussel een van de grootste troeven van het federale België," zegt Yvan Huyghebaert, de voorzitter van de Brusselse Kamer voor Handel en Nijverheid.

Er moet snel een federale regering komen, vindt Huyghebaert, met een degelijk socio-economisch beleid. Pas daarna kan gepraat worden over de herschikking van het land, en hopelijk ook over Brussel.

De federaties zijn niet tegen een staatshervorming. Want dan kan het statuut van Brussel herbekeken worden, al was het maar de financiering van het Brussels Gewest. "Wij produceren twintig procent van de rijkdom. Maar daarvan wordt tien procent weer overgeheveld naar de andere regio's. Daarom moeten we een herfinanciering van Brussel vragen," aldus Huyghebaert. Ook sommige bevoegdheden van het Brussels Gewest zouden voor de Kamer van Koophandel en het VOB van niveau mogen veranderen.

© tvbrussel

Gepost door: Jef | 07-09-07

'Picqué n'est pas cohérent', dit le MR Les principes retenus en matière de mobilité demandent en outre la suppression du trafic automobile de surface sur le rond-point Schuman

Françoise Schepmans, chef du groupe MR au parlement bruxellois, a reproché jeudi au ministre-président régional Charles Picqué de manquer de cohérence dans sa vision des futures extensions immobilières des institutions européennes à Bruxelles.

D'après elle, la présentation, mercredi, par le Commissaire européen Sim Kallas d'un vaste plan remodelant en profondeur le quartier de la Rue de la Loi ne correspond pas aux intentions précédemment affichées par le ministre-président d'encourager de nouvelles implantations européennes dans d'autres zones de la ville.

Charles Picqué assistait à cette présentation, ce qui ne l'a pas empêché de la qualifier de "plan cohérent", a commenté le chef de file du groupe MR.

Occupant à l'heure actuelle une superficie de 865.000 m2 répartis dans 61 bâtiments dans Bruxelles, la Commission européenne entend dans le futur réduire ce nombre d'implantations, et concentrer une bonne part de ses bureaux, soit 400.000 m2, de part et d'autre de la rue de la Loi où elle occupe déjà actuellement 170.000 m2.

C'est du moins l'intention qu'a affichée mercredi le vice-président de la Commission européenne Sim Kallas, aux côtés de Charles Picqué.

Pour Françoise Schepmans, cette vision ne correspond pas au projet de schéma directeur en cours d'élaboration en Région bruxelloise pour le quartier européen. Ce document demande que les besoins nouveaux de la Commission européenne en immeubles de bureaux soient accueillis sur d'autres sites de la Région de Bruxelles-Capitale.

Dans ces mêmes lignes de force, il est précisé que si le schéma directeur ne refuse pas à priori l'architecture de "tours" il n'accepte aucun projet qui engendre de l'ombre sur les immeubles de logement ou des phénomènes de micro-climats.

Les principes retenus en matière de mobilité demandent en outre la suppression du trafic automobile de surface sur le rond-point Schuman et propose d'inverser les sens de circulation dans les rues de la loi et Belliard, a encore rappelé Françoise Schepmans, soulignant que cela ne correspondait pas aux projets de la Commission européenne.


La Libre Belgique - 6/09/2007

Gepost door: Raymond Mallentjer | 07-09-07

'Aider Bruxelles et, dès lors, la Belgique' - Entretien Charles Picqué lance ce jeudi son plan de développement international pour Bruxelles. Un projet mobilisateur dans un contexte morose.


Entretien

Le ministre-président l'avait promis. Et on y est. Ce jeudi, Charles Picqué présente en conseil son plan de développement international de la Région. Une rentrée en fanfare qu'il a voulu faire dans "La Libre" non sans exprimer ses craintes face à la situation politique...

La rentrée politique n'incite pas à un optimisme démesuré...

Le pessimiste institutionnel qu'on me dit être n'est pas surpris par la tournure des événements. Il ne faut pas être dupe des sondages : s'il demeure une majorité favorable au maintien de la Belgique, la Flandre n'en veut plus que si elle est calquée sur ses intérêts. Dès lors, il est inimaginable que les francophones veuillent seulement refermer le dossier. Si les Flamands continuent à poser des exigences, les francophones ont doublement raison de ne pas en vouloir. Sur un plan moral parce que la dislocation du pays entraînerait une rupture dans la solidarité. Et quand on n'est pas demandeur, il faut le faire payer très cher! On n'échappera pas à une discussion institutionnelle sérieuse... Or toute réforme doit au mieux préserver les intérêts de Bruxelles. Pour ses habitants mais aussi parce que cela lui permettra de conserver son rôle irremplaçable de levier économique du pays. Enfin, plus notre région sera forte, moins on imaginera une rupture entre la Flandre et la Wallonie. Puis, il y a la dimension européenne avec ses sièges implantés chez nous. Et pourtant d'après ce que j'en ai lu, le formateur a réussi à ne pas parler de Bruxelles ! Sa seule référence fut... BHV ! Il va falloir se battre pour le statut de la Région !....

...Que d'aucuns veulent toujours supprimer...

Depuis sa création, la Région n'a pas pu régler tous ses problèmes ; ils ont été accentués par l'évolution sociale de la population dont la difficulté de gérer les flux des primo-arrivants mais on a enrayé le phénomène du délabrement des quartiers anciens, Bruxelles a été confortée comme ville internationale et sur le terrain économique, elle s'est renforcée comme les deux Brabant. On veut nous faire passer pour des nains alors que Bruxelles est indispensable au pays. C'est ce qu'a démontré aussi Rudi Aernoudt dans son dernier livre...

Mais quel destin alors ?

Tout dépendra du transfert de compétences. On ne peut pas rater le train des réformes : il faut objectiver la pérennité régionale, un financement plus adéquat et une cohérence au développement de Bruxelles et de son hinterland. Si on veut sauver la Belgique, il faut une proportionnalité dans les concessions flamandes et francophones car un rapport de force déséquilibré aurait en germe sa fin. Ceux qui croient qu'il faut céder pour la survie du pays risquent de se retrouver face à un scénario de rupture totale. Et Bruxelles sera si affaibli, enclavé, dominé économiquement et géographiquement que le maillon de la Belgique fédérale n'existera plus !

Mais les francophones sont-ils dans un rapport de force favorable ?

Il y a encore des gens raisonnables qui comprennent l'importance stratégique de Bruxelles en Flandre et en Wallonie. Même dans une logique d'entités plus autonomes, elles ont besoin de nous mais on ne peut plus tergiverser...

Vous avez de nouvelles ambitions pour la Région...

Il est important que notre plan pour le développement international soit dans les starting blocks. Pour montrer au nord et au sud que nous servons aussi leurs intérêts. Nous sommes cette partie de la Belgique qui garantit encore un win-win et qui montre ce que chacun y perdrait.

Quel avenir institutionnel préférez-vous ?

Une structure avec trois Régions avec un juste financement et une cohérence de développement avec l'hinterland. Puis, je pointe l'alliance avec la Wallonie si la Flandre nous lâche. Face à cela, il y a le pire scénario de l'isolement et celui d'une co-gestion qui nous ferait perdre sur tous les tableaux.

Des hypothèses de travail moins concrètes que le PDI...

Depuis 1989, on a élaboré le plan régional de développement, mené une bonne politique des quartiers et lancé le contrat pour l'économie et l'emploi ; on va poursuivre ce cheminement cohérent par de nouveaux outils. C'est pourquoi le PDI prévoit un marketing de ville cohérent et ancré dans les différentes identités bruxelloises sachant que sa notoriété hors nos murs c'est l'Europe. Il entend aussi renforcer les équipements dans dix zones stratégiques qui peuvent contribuer à la compétitivité internationale. Pensez au quartier des musées mais aussi à Schaerbeek-Formation non loin du canal, etc, etc. En même temps, il faut développer des infrastructures dites de confort et soutenir un développement économique et social qui profite à tous. Enfin, cela nécessite l'organisation d'une meilleure gouvernance entre tous les niveaux de pouvoir : avec l'Europe, les communes, le fédéral et les autres entités fédérées...

Vous interpellez donc directement aussi le fédéral ?

Le projet a été remis à l'informateur Reynders. Mais il nous faut l'appui de tous les niveaux de pouvoir. Avec une task force, comme par exemple une conférence interministérielle.

Qui va financer le PDI ?

Parmi les infrastructures de confort, il y a ce qui a trait à la mobilité. Si la Belgique prenait en charge les transports à Bruxelles, cela donnerait une marge importante à notre budget. Pour l'heure, cela représente entre un quart et un tiers de nos coûts. Mais ça interpelle donc à la fois le fédéral et les Régions...

Vous voilà moins pessimiste !

Oui, mais il faut attirer l'attention des francophones sur les conséquences d'une scission de BHV : cela couperait Bruxelles de son hinterland et il n'y aurait plus d'interface avec la Wallonie. Et cela s'aggraverait avec une fusion des institutions. D'où notre insistance sur une proportionnalité dans les exigences et les décisions...


christian laporte
La Libre Belgique 6/09/2007

Gepost door: Raymond Mallentjer | 07-09-07

'Dehaene zegt Brusselaars de wacht aan' donderdag 9 augustus 2007

Brussel - Het is weinig waarschijnlijk dat staatsecretaris Brigitte Grouwels (CD&V) van haar Franstalige collega’s een warm onthaal krijgt als de Brusselse ministerraad eind augustus opnieuw vergadert. Grouwels steunt voormalig premier Jean-Luc Dehaene, die de Brusselse ministers Charles Picqué (PS) en Benoît Cerexhe (CDH) de gordijnen injoeg met zijn uitspraken over de toekomst van de hoofdstad.

Dat de formatiegesprekken waarmee Yves Leterme (CD&V) door de koning is belast, niet vlotten, is een understatement. Dat de (Franstalige) Brusselaars die met een grote dosis wantrouwen volgen, is een feit. Reeds na het lekken van de formateursnota klaagde minister-president Charles Picqué erover dat de hoofdstad er amper in aan bod komt en dan nog alleen maar in een communautair geladen context.

Het hek was echter van de dam toen de krant Le Soir als enige een afscheidsinterview kreeg van voormalig informateur Jean-Luc Dehaene, één van de architecten van het federale België. Geen afscheid als informateur, daar wou Dehaene  die zijn opdracht vroegtijdig had afgerond, niets over kwijt. Wel over zijn afscheid als burgemeester van Vilvoorde en van de binnenlandse politiek. Dehaene ambieert alleen nog een Europees mandaat. Opvallend was de uithaal van Dehaene naar de Franstalige politieke wereld. De communautaire problemen waarmee België kampt, zijn volgens Dehaene volledig op conto van de Franstaligen te schrijven: “Als de Franstaligen in 1932 de tweetaligheid van België hadden aanvaard, dan zou België niet zijn wat het vandaag is.” Omdat de landsdelen zo uit elkaar gegroeid zijn en de Vlamingen ook steeds minder het Frans beheersen, voorspelt Dehaene met de nodige zin voor (wrange) humor dat de formatiegesprekken ooit in het Engels zullen plaatsvinden.

Toekomst Brussel
Over de toekomst van Brussel is Dehaene duidelijk, hij voorspelt zware financiële problemen: “Ofwel wil Brussel een volwaardig derde gewest zijn en dan bloedt het leeg. Ofwel wordt Brussel meer hoofdstedelijk gewest en wordt er geïnvesteerd (door de Vlaamse Gemeenschap, dv), maar dan moet Brussel inspraak dulden.” Zowel Picqué als Cerexhe blijven die stelling, die op zich niet nieuw is maar wel voor Dehaene, afwijzen. Brigitte Grouwels treedt Dehaene in een communiqué bij. Franstalig politiek Brussel, met name Picqué en Cerexhe, blijft volgens haar de hoofdstedelijke rol minimaliseren. Op die manier ondermijnen ze zelf de grond voor een federale financiële tussenkomst, aldus Grouwels. De hoofdstedelijke rol van Brussel, waarvan de tweetaligheid een essentieel element, is een stokpaardje van de CD&V-politica, die niet gelooft in een grote internationale toekomst als de Belgische, hoofdstedelijke niet wordt waargemaakt. Tenzij Leterme voor eind augustus grote vorderingen heeft gemaakt, is het weinig waarschijnlijk dat de de eerstkomende ministerraad in een hartelijke sfeer verloopt. De communautaire tegenstellingen die er op Belgisch niveau zijn, bestaan ook binnen Brussel.

Delicate uitspraken
Dat iedereen in deze tijden op zijn tellen moet passen, heeft hoogleraar Etienne Van Hecke van de KU Leuven vorige week mogen ondervinden. Het hoofd van de afdeling Sociale en Economische Geografie tekent in opdracht van de federale regering de nieuwe stadsgewesten in België uit. Stadsgewesten in de economische betekenis, maar de krant La Libre Belgique gaf er tussen de lijnen door een bestuurlijke duiding aan. De hoogleraar verduidelijkte dat de studie geen pleidooi is voor een bestuurlijke uitbreiding van het hoofdstedelijk gewest. In sociaal-geografische zin telt het hoofdstedelijk gewest 62 gemeenten. Maar dat heeft enkel te maken met de interactie – zoals werken en wonen – tussen centrum en periferie.

Danny Vileyn © Brussel Deze Week

Gepost door: Jef | 07-09-07

'Brussel wordt beter Hoofdstedelijk Gewest' vrijdag 03 augustus 2007

 
Brussel - Oud-premier Jean-Luc Dehaene (CD&V) vindt dat Brussel beter een Hoofdstedelijk Gewest wordt en niet een volwaardig derde gewest moet willen zijn in ons land. Dehaene vindt de oprichting van het Brussels Gewest destijds een goeie zaak, maar waarschuwt voor de toekomst: "Brussel zal moeten kiezen." Dat zei hij vandaag in een interview in de krant Le Soir.

Volgens Dehaene zou Brussel als volwaardig gewest doodbloeden en dus is het volgens de ex-premier beter om te investeren in Brussel als Hoofdstedelijk Gewest. Brussel zal dan wel moeten toestaan dat de investeerders ook iets te zeggen zullen hebben. Daarmee doelt Dehaene op bijvoorbeeld de Vlaamse Gemeenschap. Dehaene vult aan soms de indruk te hebben dat de Brusselaars alles tegelijkertijd willen.

En hoewel Brussel volgens de ex-premier alles lijkt te willen, vraagt Brussels minister-president Charles Picqué (PS) geen extra middelen voor het Hoofdstedelijk Gewest. Op deze bedenking tijdens het interview met Le Soir repliceert Dehaene kort: "Picqué is fin de carrière, ik voorspel grote financiële problemen voor Brussel."

De oud-premier vertelt in het interview ook dat de Franstaligen de oorzaak zijn van de communautaire problemen in ons land. Als voorbeeld haalt Dehaene de taalgrens aan. Als Wallonië in 1932 gekozen had voor tweetaligheid, dan zou België niet in de toestand verkeren waarin het zich nu bevindt, aldus Dehaene.

Geldkraan dicht
Met deze uitspraken gooit Dehaene nog meer olie op het vuur, want ook de Vlaamse liberalen doen straffe uitspraken. Zij dreigen ermee de federale geldstroom naar de Franse Gemeenschap en het Waals Gewest stop te zetten, als de Franstaligen geen toegevingen doen in het dossier rond de staatshervorming. Open VLD-voorzitter Bart Somers: "De Franstaligen moeten begrijpen dat wij in Vlaanderen op het vlak van de staatshervorming een stap vooruit willen zetten. Indien zij daar niet aan mee werken, zijn wij op federaal vlak niet meer bereid initiatieven te steunen die de Franse Gemeenschap ten goede komen."

Nu krijgen de grote steden in Wallonië elk jaar zo'n 600 miljoen euro federale steun.

© FM Brussel / tvbrussel

Gepost door: Jef | 07-09-07

'Brussel is struikelblok regeringsonderhandelingen' vrijdag 17 augustus 2007


Oudergem - Koning Albert voert de komende dagen een reeks politieke raadplegingen met de kopstukken van de oranje-blauwe partijen. De crisis tussen Vlamingen en Franstaligen heeft ervoor gezorgd dat de regeringsonderhandelingen op Hertoginnedal voorlopig worden opgeschort. De Franstalige eisen over Brussel zijn te vergaand voor de Vlamingen. Ook vinden de Vlaamse partijen de communautaire tegenvoorstellen van de Franstaligen onaanvaardbaar. Die willen pas praten over een grote staatshervorming als er een nieuwe regering is.

Er wordt voorlopig dus niet meer onderhandeld op Hertoginnedal. Formateur Yves Leterme bracht vanmiddag verslag uit bij de koning, die nu op zijn beurt politieke raadplegingen voert met de voorzitters van de betrokken partijen. Die gesprekken zijn vandaag al gestart. Vermoedelijk zal de koning ook morgen praten met de kopstukken van de oranje-blauwe partijen.


In zijn verklaring vanmiddag op Hertoginnedal zei Leterme de indruk te hebben dat sommigen "blijven aarzelen" in de regeringonderhandelingen. Het ontbreken van een consensus over een visie op de verhouding tussen de federale staat en de deelstaten is volgens hem een van de grote knelpunten in de onderhandelingen. "Het vastleggen van een consensus over de kerntaken van de Belgische staat en de verschillende entiteiten volgens de daartoe vereiste meerderheid in het parlement is een absolute basisvoorwaarde voor een sterke regering," aldus de formateur.

Brussel
De crisis tussen de onderhandelaars draait rond de voor Vlamingen onaanvaardbare Franstalige eisen. CDH en MR eisen namelijk de uitbreiding van Brussel en willen de afschaffing van de dubbele meerderheid in Brussel die de Vlamingen beschermt. Ook eisen de Franstalige christendemocraten en liberalen taalreferenda in de faciliteitengemeenten. Op die manier zouden de inwoners uit die gemeenten kunnen beslissen zich bijvoorbeeld aan te sluiten bij het Brussels Gewest.

Ook het Brusselse CDH-kopstuk Joëlle Milquet verdedigde vanmorgen de Franstalige eisen. Als antwoord op de vraag naar een reactie op die eisen, zei Milquet geen grote staatshervorming te willen. "We willen alleen praten over het beleid en over mensen", aldus de politica.

De Vlaamse partijen reageerden verontwaardigd op de eisen van de Franstaligen. "Wij stellen samen met CD&V, N-VA en Open VLD vast dat het voorstel van de Franstaligen niet ernstig te noemen is," aldus Open VLD-voorzitter Bart Somers vanmorgen. "Het is een antwoord dat de fundamenten van België onderuit haalt, men wil de positie van de Vlaamse Brusselaars volledig ondergraven en men wil sleutelen aan de taalgrens, en dat is geen ernstig antwoord," besloot Somers.

Ook voor Brussels staatssecretaris Brigitte Grouwels (CD&V) kan het niet dat het statuut van Brussel en de positie van de Vlaamse Brusselaars in vraag wordt gesteld. "We aanvaarden niet dat er gesleuteld wordt aan de verworvenheden van de Vlaamse Brusselaars. Maar zolang men binnen de afspraken van het Brussels regeerakkoord blijft, denk ik dat we nog altijd constructief verder kunnen werken", aldus Grouwels.

Vlaams minister bevoegd voor Brusselse Aangelegenheden Bert Anciaux (Spirit) stelt het cru: "Als de Franstaligen geen federale regering willen, ga dan in op die eisen. Omwille van Brussel, zal het land toch niet uiteen vallen, want was Brussel er niet geweest, dan was België al lang gesplitst," besluit Anciaux.

Na de crisis
Voor politicoloog Carl Devos zat een crisis eraan te komen: "We wisten dat Franstaligen en Vlamingen recht tegenover elkaar gingen komen te staan als het zou gaan over de grote staatshervormingen. Het zal nu moeten blijken of men na deze crisis bereid is toegevingen te doen. Zo niet, zal er een nieuwe formateur of informateur aangesteld moeten worden."

Ook VUB-professor Els Witte vindt het niet verwonderlijk dat de formatiegesprekken spaak gelopen zijn. "Politiek gezien verkeert men nu in een bijzonder moeilijke constellatie. In het verleden zijn er echter altijd oplossingen gevonden, dus dat zal nu ook wel zo zijn," zegt Witte.

Brussel Nieuws
© FM Brussel

Gepost door: Jef | 07-09-07

Opinie: Dei van 'Umbeik donderdag 30 augustus 2007


Brussel - Het is niet moeilijk om u in te beelden waarom dei van ’Umbeik, de bewoners van Neder-Over-Heembeek, zich tekort gedaan voelen. Sinds de aanhechting bij de Stad Brussel in 1921, samen met Laken en Haren, kreeg het rustieke Brabantse dorp niets dan narigheden en malheuren over zich heen.

De Stad wilde, welke offers ook gebracht moesten worden, de havenindustrie fors uitbreiden en buitenlandse investeerders aantrekken. Nil novi sub sole, en dus moesten de lusttuinen van Meudon en Versailles en het cabaret van Marly, waar de prins de Ligne nog wilde feestjes organiseerde en dat vroeger De Moriaen heette, allemaal wijken voor de fabrieken met hun gitzwart brakende schoorstenen, stank, labeur. Andere landmerken waren al langer verdwenen: de Woelmonthoeve van de abdij van Grimbergen, de moutmolen “onder weegen Vilvorden op de Vaert”, het estaminet De Liefde/L’Amour, een handvol kastelen. In de plaats zijn gekomen: een verbrandingsoven voor huishoudelijk afval, een containerpark, een waterzuiveringsstation. Neder-Over-Heembeek heeft strikt genomen zelfs niet eens een volwaardig gemeenschapscentrum op zijn grondgebied (GC Heembeek-Mutsaard ligt officieel in 1020 Brussel, dus “op Laken”). Er is wel een buurthuis, De Kleun, in de Frans Vekemansstraat.

En nu heeft de Maatschappij voor Intercommunaal Vervoer van Brussel, de MIVB, beslist om de enige rechtstreekse busverbinding tussen de dorpskern van Neder-Over-Heembeek en het hart van de Vijfhoek grotendeels af te schaffen. Slechts één keer per uur zal bus 47, die uit Vilvoorde komt, nog tot aan De Brouckère rijden. Alle overige ritten worden beperkt tot de halte Van Praet, aan de gelijknamige brug, waar de reizigers dan zullen moeten overstappen op de tram. De redenering van de MIVB is de logica zelve: bus 47 rijdt zich te vaak klem in het verkeer; de tram daarentegen is een snelle, aangename lijn die helemaal door de centrale as van de Vijfhoek rijdt. Maar de bewoners van Heembeek hebben ook een punt: de overstaphalte aan de Van Praetbrug is zowat de meest onaangename die u zich kunt inbeelden: aan de ene kant de eindeloze muur van het koninklijk domein, aan de andere kant een stadsautostrada, een kanaal, een industriezone. Leuk hoor, om na een dagje gezellig shoppen in het centrum dáár te moeten afstappen om op een bus te gaan wachten, bepakt en bezakt met boetiekartikelen of zo. Stel dat eens voor in het putje van de winter. Zelfs al is de overstaptijd kort, toch wordt dit in Neder-Over-Heembeek terecht ervaren als een vermindering van de dienstverlening. Alleen in Haren bent u nog slechter af, tenzij u aan de goede kant van de Haachtsesteenweg woont; dan hebt u bus 63 nog.

Begrijpt u mij niet verkeerd: ik vind dat de MIVB aan het netplan enkele opmerkelijke verbeteringen heeft aangebracht (al blijf ik het overhoop gooien van de nummering van een aantal tram- en buslijnen nog altijd een slecht idee vinden). Maar wat bus 47 betreft, hebben de Heembekenaren gelijk: als de bussen op een bepaalde lijn vaak vastzitten in het verkeer, dan schaft men niet een gedeelte van het traject af, maar dan probeert men iets te doen aan het vastzitten, punt.

De inwoners van Neder-Over-Heembeek, die we al die jaren al opzadelen met ons afval en binnenkort met ons vervuild water erbovenop, die nochtans niet minder gewest- of gemeentebelasting betalen, en voor wie een buskaartje of een abonnement evenveel kost als voor andere Brusselaars, wel, deze inwoners hebben recht op een volwaardige dienstverlening van de MIVB. We moeten stoppen deze gemeente uit de hoogte te behandelen: Haimbecha komt al voor in een oorkonde van Theuderic III, koning van Neustrië in 673 en telg van het Merovingische huis. Heembeek kan met andere woorden bogen op de alleroudste officiële vermelding, ééuwen voor alle andere gehuchten, dorpen en (latere) steden in de ruime omgeving. En er is meer: Heembeek levert tegenwoordig liefst twintig procent van de leden van de Vlaamse regering, dat is ongezien. Respect, vraag ik u!

Dirk Volckaerts, hoofdredacteur van de stadskrant Brussel Deze Week
© Brussel Deze Week

Gepost door: Jef | 07-09-07

'Rohnny Buyens over de 'nieuwe koers' van de VGC' zaterdag 1 september 2007


Brussel - VGC-collegelid Brigitte Grouwels (CD&V) bereidt een verordening voor die de Vlaams-Brusselse lokale dienstencentra voor senioren een nieuwe richting uit moet stuwen: Vlaamser en minder buurtgericht. Het dienstencentrum Randstad in Molenbeek, een van de eerste in Brussel, reageert afwijzend.

Na de gemediatiseerde aanvaringen met de Werkingen Maatschappelijk Kwetsbare Jongeren (WMKJ’s) en het Stedenfonds is er een nieuwe storm op til die de sociale sector en het college van de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) lijnrecht tegenover elkaar dreigt te zetten.

VGC-collegelid Brigitte Grouwels (CD&V) bereidt een nieuwe verordening voor die de krachten van de elf Vlaams-Brusselse dienstencentra wil bundelen om die daarna over de negentien gemeenten te herverdelen. Er zullen lokale dienstencentra (type II) worden opgericht, en bovenlokale (type I). Er zal een ondersteuningsstructuur worden opgezet en – niet onbelangrijk – het verschil in financiering tussen dienstencentra in kansarme wijken, die nu meer krijgen, en dienstencentra in welvarende Brusselse wijken, die nu minder krijgen, zal worden opgeheven.

Hoewel Grouwels dat niet wil toegeven, lijkt het erop dat het VGC-college met zachte hand een nieuw, Vlaamser doelpubliek wil aanboren. Niet alleen de bejaarde uit de kansarme wijk, maar ook die uit de welgesteldere buurten in de tweede kroon, precies daar waar meer Vlaams-Brusselse bejaarden wonen.

‘Niet gelukkig’
Rohnny Buyens kent het reilen en zeilen binnen de Vlaams-Brusselse bejaardensector op zijn duimpje. Hij is er professioneel actief en is ook voorzitter van Randstad, een lokaal dienstencentrum (van SP.A-signatuur) op de grens van laag-Molenbeek en Koekelberg met een lange staat van dienst.

Randstad gaat met senioren winkelen, bereidt twee keer per week goedkope maaltijden en zorgt voor ontspanning en transport. “Maar met de koerswijziging die de VGC voor ogen heeft, zijn we niet gelukkig,” zegt Buyens. “Vanaf het midden van de jaren 1980 tot nu hebben we altijd wijkgericht gewerkt, kleinschalig en familiair. Vrijwilligers zorgen week na week voor de maaltijden. De bejaarden die bij ons komen, zijn de mensen uit de buurt. Onder elkaar spreken ze het Vlaams-Brusselse dialect; als ze iets op papier willen zetten, doen ze dat in het Frans. De VGC wil nu de dienstencentra professionaliseren, maar tegelijk ook het doelpubliek wijzigen. Niet meer ‘Louis van om de hoek’, maar ‘de Vlaamse Brusselaar’. Natuurlijk zijn we ervoor dat er meer senioren terechtkunnen in een lokaal dienstencentrum, maar als dat ten koste gaat van onze wijkwerking, die jarenlang door onze vrijwilligers is opgebouwd, waarbij ons busje en het huis dat we hebben verworven gerecupereerd worden, dan zeggen we neen. Ik krijg dat aan onze vrijwilligers nooit verkocht. Het is hún zondag samen met de senioren.”

Brusselse reflex
Worden de elf Vlaams-Brusselse dienstencentra zoals ze nu bestaan, in hun voortbestaan bedreigd? Alain Storme, die voor Samenlevingsopbouw Brussel de dienstencentra al twintig jaar op de voet volgt, noemt de paniek wat voorbarig. “De besprekingen zijn nog volop aan de gang.” Wel noemt hij de wijzigingen die de VGC wil doorvoeren, “ingrijpend”. Dat is deels een goede zaak, zegt Storme, “omdat sommige wijken heel goed bediend zijn en andere helemaal niet.” Maar hij heeft ook kritiek, al is dat op persoonlijke titel en niet in naam van het Brussels Overleg Dienstencentra (BOD), dat enkele jaren geleden is opgericht. Storme: “Wie naar de gezondheid van de Brusselaars in de kansarme wijken kijkt en de cijfers erbij neemt, die moet toch vaststellen dat de noden dáár veel groter zijn. Misschien is het dan ook logisch dat daar meer geïnvesteerd wordt, zelfs al zit daar niet het gros van de Vlaamse kiezers.”

Volgens Buyens is de koerswijziging van de VGC alvast geen toeval. Buyens: “Voordien waren er Jos Chabert, Robert Delathouwer en zelfs iemand als Vic Anciaux: mensen met een Brusselse reflex. Die er niet voor terugdeinsden om aan te treden in het Brussels Volkstejoêter. Die weten wat de Brusselse zwans is. Men zegt me dan: ‘Dat is nostalgie.’ Maar ik weet dat in de Nederlandstalige sociale sector in Brussel heel wat jonge mensen werken die allemaal zeggen: ‘Het is waanzin om in Brussel alleen de Vlamingen te willen bereiken.’ Er is in het VGC-college alleen nog Guy Vanhengel die Brussels denkt.”

“We zitten sinds 2004 met een nieuw college waarbij Brigitte Grouwels en Pascal Smet de driehonderdduizendnorm overboord gooien (een Vlaamse norm die ervan uitgaat dat er in Brussel 300.000 gebruikers van de Nederlandstalige culturele, onderwijs- en welzijnsinstellingen zijn, ook wel Brusselnorm genoemd, SVG). Zij willen wat in Vlaanderen gebeurt, blindelings transponeren op Vlaams-Brussel. Ons doelpubliek moet voortaan ‘dé Vlaming’ zijn, maar kan iemand mij eens een behoorlijke definitie geven van wie dat is?”

Steven Van Garsse
© Brussel Deze Week

Gepost door: Jef | 07-09-07

'Vlamingen in Brussel' - Vier politieke coryfeeën over toekomst van Brussel dinsdag 24 april 2007


Brussel - Een groot hart voor Brussel koppelen aan een hechte band met de Vlaamse gemeenschap. Dat is volgens vier Vlaams-Brusselse politieke coryfeeën de toekomst voor de Brusselse Vlamingen.

Vic Anciaux (Spirit), Annemie Neyts (VLD), Lydia De Veen (SP.A) en Hugo Weckx (CD&V) hebben alle vier Brusselse bestuurservaring. Alleen Neyts is nog politiek actief als Europees parlementslid. In aanloop naar de verkiezingen en de institutionele onderhandelingen die er op volgen hebben zij een tekst geschreven waarin ze hun gezamenlijke visie op de Vlamingen in het toekomstige Brussel ontvouwen. Echt verrassende stellingen zijn er dan ook niet in terug te vinden, wel een antwoord op concrete problemen binnen in een coherente visie.

Separatisme en een Europees district wijzen ze van de hand en ook van een uitbreiding van Brussel kan geen sprake zijn. Noch mag Brussel als pasmunt gebruikt worden tijdens de communautaire onderhandelingen. Ze waarschuwen tegelijk voor een ‘ondoordachte’ splitsing van Brussel- Halle-Vilvoorde. Dat kan volgens hen alleen als Vlamingen op een gezamenlijke lijst prijken met kandidaten uit Vlaams- of Waals-Brabant.

De tekst gaat uitgebreid in op de taalwetgeving, die ‘wetten van openbare orde zijn’. De vier hechten groot belang aan de tweetaligheid van het personeel van de plaatselijke besturen, waar ook de openbare ziekenhuizen bijhoren. Een wetswijziging dringt zich op om de tweetaligheid waar te maken. Neyts, Weckx, Anciaux en De Veen vragen ook de geleidelijke uitbouw van eigen (Nederlandstalige) gezondheids- en welzijnsinstellingen die open staan voor iedereen.

De vier dragen de hoofdstedelijke functie van Brussel hoog in het vaandel, daarom moet het gewest zich open, positief en communautair neutraal opstellen tegenover de andere gewesten. Brussel, dat een echt internationale stad geworden is, moet samenwerkingsverbanden sluiten met de federale, de gemeenschappen en met Europa. De Vlaamse en de Franse Gemeenschapscommissie moeten op voet van gelijkheid worden behandeld. Om de hoofdstad beter te laten functioneren moeten bevoegdheden als mobiliteit, parkeren en stedenbouw van het gemeentelijke naar het gewestelijke niveau verhuizen. Maar van een overheveling van cultuur, onderwijs, gezondheid en welzijn van de gemeenschappen naar het gewest kan geen sprake zijn.

Sluitstuk van de nota is de herfinanciering van Brussel. Beliris, het bestaande samenwerkingsakkoord met de federale, blijft het uitgelezen instrument. Maar eerst moet er een wetenschappelijke kosten- batenanalyse gemaakt worden en moet Brussel bereid zijn zich intern reorganiseren. Beliris moet dienen voor de hoofdstedelijke en internationale rol van Brussel en niet voor plaatselijke projecten.

Danny Vileyn
© Brussel Deze Week
http://www.brusselnieuws.be/site/templates/media_view?id=1178110836&streamingtype=VID

Gepost door: Jef | 07-09-07

De commentaren zijn gesloten.